Heilig, heilig, heilig! Heer, God almachtig,
vroeg in de morgen word’ U ons lied gewijd.
Heilig, heilig, heilig! Liefdevol en machtig,
Drievuldig God, die een in wezen zijt.
Heilig, heilig, heilig! Gij gehuld in duister,
geen oog op aarde ziet U zoals Gij zijt.
Gij alleen zijt heilig, enig in uw luister,
een en al vuur en liefde en majesteit.
Heilig, heilig, heilig! Heer, God almachtig
hemel, zee en aarde verhoogt uw heerlijkheid.
Heilig, heilig, heilig! Liefdevol en machtig,
Drievuldig God, die een in wezen zijt.
Op een heuvel ver weg, zie ‘k een ruw houten kruis,
‘t Is het beeld van schande en smart.
En ik klem m’ aan dat kruis, want daar stierf eens mijn Heer,
Om te helen gebrook’nen van hart.
Koor.
Daarom min ik dat ruw’, oude kruis,
Tot verwinnaar ‘k zal staan voor Gods troon,
Ja, ik klem m’aan dat ruw’ oude kruis,
Tot omhoog ik het ruil voor een kroon.
O dat ruw’oude kruis, door de wereld veracht
Dat heeft wond’re bekoring voor mij.
Want voor mij ook droeg Hij het naar bang Golgotha,
Om te maken van zonde mij vrij.
Van dat ruw’oude kruis vloeide ‘t reinigend bloed,
Toen mijn Jezus daar leed en stierf,
Ja ‘t was Hij, Die aan ‘t kruis, o zo wreed en zo ruw,
Mij verlossing en vrede verwierf.
Aan dat ruw’oude kruis blijf ik immer getrouw
En ik deel in zijn schande en hoon,
Want als ‘k volg, waar Hij leidt,
heeft God thuis mij bereid
Een gans schoon onverwelkbare kroon.
Hij nam mijn zonden weg
Ik kwam tot Jezus,
zondig en onrein.
Hij nam mijn zonden weg,
Hij nam mijn zonden weg!
En deed mij drinken
uit de Heilsfontein,
Hij nam mijn zonden weg!
Ref
Hij nam mijn zonden weg,
Hij nam mijn zonden weg!
Nu is mijn hart in Hem verblijd!v
Prijst de Heer!
Hij nam mijn zonden weg.
Hij nam mijn zonden weg!
Nu is het oude leven
gans voorbij.
Hij nam mijn zonden weg.
Hij nam mijn zonden weg!
En ‘t nieuwe leven
heeft nu heerschappij.
Hij nam mijn zonden weg!
Kom heden vriend
en kniel aan Jezus voet.
Hij neemt uw zonden weg.
Hij neemt uw zonden weg.
En wast u rein
in ‘t wonderbare bloed.
Hij neemt uw zonden weg!